Maatwerkcalculatie Calculeren voor de werkplaats

Veelgemaakte fouten

Welke rekenfouten kosten je marge zonder dat je het bij de offerte merkt?

Door Gepubliceerd op Bijgewerkt op 6 minuten lezen

Werk in een Nederlandse winkel of werkplaats. Beeld bij het artikel: Welke rekenfouten kosten je marge zonder dat je het bij de offerte merkt?
Beeld gegenereerd met kunstmatige intelligentie

De offerte die je verliest, doet zelden pijn. De offerte die je wint en die achteraf te goedkoop blijkt, doet dat wel. Dit stuk zet zeven rekenfouten op een rij die in maatwerkoffertes telkens terugkeren, met per fout de correctie die je meteen kunt doorvoeren.

Waarom deze fouten zo lang onopgemerkt blijven

Bij seriewerk vallen rekenfouten vanzelf op. Maak je duizend keer hetzelfde onderdeel, dan zie je na een maand dat je te weinig rekent. Bij maatwerk ontbreekt die herhaling. Elk project is anders, elke uitkomst is anders, en dus lijkt elke afwijking verklaarbaar.

Daar komt bij dat de fouten zich meestal in dezelfde richting stapelen. Niemand vergeet per ongeluk kosten toe te voegen; mensen vergeten kosten mee te tellen. Zeven kleine onderschattingen die elk een paar procent kosten, halen samen een gezonde marge weg.

De volgorde hieronder is die van hoe vaak ze voorkomen, niet van hoe groot ze zijn. Loop ze langs met je laatste drie offertes ernaast; dat werkt beter dan er in het algemeen over nadenken.

Fout 1: insteltijd staat nergens

Voordat een machine iets nuttigs doet, moet er iemand instellen: aanslagen zetten, gereedschap wisselen, een programma inladen, een proefstuk maken. Bij een serie van vijftig verdwijnt die tijd in het niets. Bij maatwerk, waar je vaak drie stuks maakt, is de insteltijd soms langer dan de bewerking zelf.

De correctie is eenvoudig maar wordt zelden gemaakt: geef insteltijd een eigen regel per bewerking, los van het aantal stuks. Zo zie je meteen dat één kastje van hetzelfde type onevenredig duur is, en kun je met de klant praten over samenvoegen van bewerkingen in plaats van over korting.

Fout 2: het snijverlies is te optimistisch geschat

Plaatmateriaal reken je bijna nooit op de vierkante meter af. Je koopt hele platen, en wat je niet gebruikt, betaal je toch. Bij een kastenwand met veel smalle delen kan een plaat er heel anders uit komen dan op de tekening lijkt, zeker als de nerfrichting vastligt of als je met een decor werkt dat je niet mag draaien.

Reken daarom met hele platen en zet het snijverlies apart in de calculatie in plaats van het weg te moffelen in een opslagpercentage. Houd bruikbare restanten bij als restwaarde, maar wees eerlijk: een restant dat drie jaar tegen de muur staat, is geen bezit maar opslagruimte.

Fout 3: uren voor afwerking worden te laag ingeschat

Zagen en monteren zijn zichtbare handelingen en die schat je goed in. Schuren, plamuren, kantenwerk, ontbramen, nalopen en het laatste zetje bij de klant zijn onzichtbaar en die schat je structureel te laag. Ze staan bovendien aan het eind van het project, wanneer de tijd al op is.

Geef afwerking daarom een eigen post met een eigen tarief, en niet een percentage over de rest. Kijk vervolgens één keer in je urenregistratie hoeveel afwerkuren de laatste vergelijkbare klus werkelijk kostte. Meestal is dat het moment waarop het kwartje valt.

Fout 4: reistijd, montage en logistiek staan niet in de offerte

Inmeten, de rit naar de klant, wachten op de stukadoor, laden en lossen, de tweede rit omdat er één paneel niet paste: bij binnenwerk telt dat allemaal op. Toch komt het vaak niet verder dan de zin "inclusief montage" onderaan de offerte.

Zet reistijd als uren en kilometers apart op de offerte. Voor kilometers heb je bovendien een fiscaal ijkpunt: sinds 1 januari 2024 mag je 0,23 euro per kilometer onbelast vergoeden. Werk je met een auto van de zaak, houd dan de bijtelling in het achterhoofd: standaard 22 procent van de cataloguswaarde, alleen achterwege bij minder dan 500 privekilometers per kalenderjaar, aan te tonen met een sluitende rittenregistratie.

Fout 5: meerwerk wordt weggegeven in plaats van gerekend

Dit is de duurste fout en tegelijk de meest sociale. De klant vraagt tijdens de bouw om een extra lade, een andere greep, een uitsparing voor een leiding. Je zegt ja, want je bent er toch, en het is maar een uurtje. Aan het eind van het project blijken het er twaalf.

Los daarvan is er een juridische kant. Artikel 7:755 BW zegt dat je alleen een prijsverhoging kunt vorderen als je de opdrachtgever tijdig hebt gewezen op de noodzaak daarvan, tenzij hij die noodzaak zelf had moeten begrijpen. Bij een consument komt daar artikel 7:752 lid 2 BW bij: meerwerk moet schriftelijk zijn overeengekomen, met dezelfde uitzondering. Wie niets vastlegt, staat met lege handen.

Maak van elke wijziging een aparte regel met eigen materiaal, uren en prijs, en bewaar het akkoord erbij, al is het een bevestiging per e-mail. Hoe je dat netjes en zonder gedoe regelt, staat in het artikel over wat je bij meerwerk in een maatwerkopdracht moet vastleggen.

Fout 6: er wordt met een gemiddeld uurtarief gerekend

Eén tarief voor de hele werkplaats maakt calculeren snel, maar het verbergt welk werk je geld kost. Spuitwerk, lassen, montage op locatie en werkvoorbereiding hebben elk andere kosten. Draai je alles door hetzelfde tarief, dan subsidieert je goedkope werk je dure werk, en zie je dat pas als je opeens veel van dat dure werk aanneemt.

Hetzelfde geldt voor machines. Een uur handwerk kost iets anders dan een uur waarin een grote machine draait die afschrijft, onderhoud vraagt en stroom verbruikt. Zet die apart in de calculatie.

Wat een verkeerd tarief doet met je onderhandeling

Als je niet weet welk deel van je prijs kostprijs is, onderhandel je op gevoel. Vijf procent eraf klinkt redelijk, maar als je marge daaronder lag, geef je geen korting maar betaal je bij. De opbouw van een tarief dat wel klopt staat in de gids over een uurtarief dat je vaste lasten en onbetaalde uren dekt.

Fout 7: btw, betaaltermijn en voorwaarden staan er niet goed onder

Dit is geen calculatiefout maar hij kost wel geld. Op een offerte hoort duidelijk te staan of bedragen inclusief of exclusief btw zijn en welk tarief geldt: 21 procent algemeen, 9 procent verlaagd waar dat van toepassing is. Pas je de kleineondernemersregeling toe, met de omzetgrens van 20.000 euro per kalenderjaar, dan breng je geen btw in rekening en trek je ook geen voorbelasting af.

Zet er ook je betaaltermijn bij. De wettelijke standaard is 30 dagen; tussen bedrijven mag maximaal 60 dagen worden afgesproken, en grote ondernemingen mogen bij mkb-leveranciers sinds 1 juli 2022 hoogstens 30 dagen hanteren. Betaalt een consument niet, dan moet je eerst een kosteloze aanmaning sturen met een betaaltermijn van veertien dagen voordat je incassokosten mag rekenen; die kosten volgen een wettelijke staffel met een minimum van 40 euro.

De zeven fouten met hun correctie
FoutCorrectie in de calculatie
Insteltijd ontbreektEigen regel per bewerking, los van het aantal stuks
Snijverlies te laagRekenen met hele platen, verlies als aparte post
Afwerking onderschatEigen post met eigen tarief, getoetst aan de urenregistratie
Reis en montage vergetenUren en kilometers apart op de offerte
Meerwerk weggegevenAparte regel met prijs en schriftelijk akkoord
Gemiddeld uurtariefTarief per werksoort plus een tarief per machine-uur
Voorwaarden onduidelijkBtw-tarief, betaaltermijn en geldigheid onder elke offerte

Hoe je erachter komt welke fout jou het meest kost

Vermoedens zijn onbetrouwbaar. De enige manier om te weten waar je marge weglekt, is een afgerond project post voor post naast de voorcalculatie leggen: begrote uren naast geschreven uren, begroot materiaal naast bonnen, en meerwerk apart. Meestal blijkt dan dat één of twee posten het grootste deel van het verschil verklaren, en dat de rest ruis is.

Hoe zo'n vergelijking eruitziet, is uitgewerkt in het artikel over de nacalculatie van een interieurproject. Doe die oefening één keer per kwartaal op je grootste project, niet op je makkelijkste.

Conclusie: fouten die zichtbaar zijn, zijn geen fouten meer

Alle zeven fouten hebben hetzelfde patroon: er ontbreekt een regel, of een regel staat op de verkeerde post. Zodra insteltijd, snijverlies, afwerking, reistijd en meerwerk hun eigen plek in de calculatie hebben en je met tarieven per werksoort rekent, verdwijnt het grootste deel van het probleem vanzelf.

Daar is de calculatiemodule van Maatwerkcalculatie op gebouwd: materiaal met snijverlies, uren per werksoort, machinetijd met insteltijd, meerwerk als aparte regel met akkoord, en onderaan kostprijs, verkoopprijs en marge voordat je verstuurt. Waarom het pakket zo is opgezet, lees je op de pagina over Jimenez Julien. Wil je een van je eigen offertes een keer samen naast deze zeven punten leggen, vraag dan een demo aan via het contactformulier; je krijgt binnen twee werkdagen persoonlijk antwoord.

Verder lezen